Een serie artikelen die gedetailleerd metingen van basis grootheden beschrijven.
Het meten van een spanningverschil, ook wel potentiaalverschil, is een veel uitgevoerde meting in de elektrotechniek en elektronica. In dit artikel wordt nader ingegaan op de verschillende meetprincipes en de invloed die een meetinstrument heeft op het te meten object.
Er bestaan vele uiteenlopende manieren om een stroom te meten. In dit artikel zijn de belangrijkste meetprincipes beschreven. Elke methode heeft zijn specifieke eigenschappen die de meetopstelling beïnvloeden en aanleiding kunnen geven tot meetfouten.
Het meten van het opgenomen vermogen van een apparaat of een component is veelal een bron van meetfouten. Zeer bepalend voor het resultaat is of gemeten wordt aan wissel- of gelijkspanning. Ook het type belasting en daarmee de stroomvorm dicteert welke meetapparatuur gebruikt kan worden en hoe de resultaten wiskundig bewerkt moeten worden.
Om het vermogen in een krachtstroom apparatuur te kunnen meten moet het vermogen van alle drie fasen tegelijkertijd gemeten worden. In dit artikel worden de voor en nadelen van een aantal veel gebruikte methodes beschreven.
Om schakelingen en testopstellingen te controleren zijn vaak temperatuurmetingen noodzakelijk. Vaak is het falen van halfgeleiders, transformatoren en andere passieve componenten te wijten aan thermische overbelasting. Dit is te voorkomen door de temperatuur van kritische componenten tijdens de testfase in de gaten te houden.
Vaak wordt er weinig aandacht geschonken aan deze metingen. Doordat men vaak niet weet waar op te letten komen meetfouten zeer regelmatig voor. Fouten van enkele tientallen graden Celcius zijn geen uitzondering.
Alle teksten en afbeeldingen op deze site, met uitzondering deze op de nieuws- & opiniepagina's, zijn het intellectuele eigendom van Freddy Alferink. || Wijzigingen van artikelen staan vermeld op de updatepagina. || Voor vragen of opmerkingen: maak gebruik van het formulier op de contactpagina.